Interview met Jacomien Kooiker

Jacomien Kooiker organiseerde jarenlang stages in Nederland, Afrika en India voor internationale NGO’s. Met haar stichting Group for European Development wil ze Europese krimpdorpen nieuw leven inblazen door studenten onderzoek te laten doen naar groeimogelijkheden. “Ik wil investeren in de generatie na mij.”

“Bij het stageprogramma waar ik eerder aan werkte, zag ik dat de studenten die terugkwamen van hun buitenland stage het heel goed deden. Privé, maar ook op de arbeidsmarkt. Ik vind het inspirerend om met jongeren te werken, juist met stages zit je op het snijvlak van onderwijs en arbeidsmarkt. Ik bedacht dat ik zoiets wilde doen, maar dan in Europa, iets dichter bij huis. En dan Zuid-Europa, jongeren hier vinden het avontuurlijk om die kant op te gaan. Ik heb een fascinatie voor spookdorpen: ze hebben iets melancholisch, een ziel. Hoe hebben mensen het door de eeuwen heen gerooid en waarom nu niet meer? Zo kwam ik op het idee: als je daar nieuw leven in wil blazen, zou je een legertje experts moeten inzetten met gemixte achtergronden en opleidingen.

Maar ja, experts inzetten is niet te betalen. Laten we het dan wat kleiner houden door met jongeren te werken. Met al hun expertise, ideeën en competenties: zet het maar in, kijk maar wat jullie hier kunnen doen. Voor studenten is het leerzaam en spannend om naar het buitenland te gaan, lokale vrijwilligers die met de studenten zullen werken kijken op een andere manier naar bepaalde situaties in hun gemeenschap. Ze hoeven het advies niet meteen aan te nemen, maar kunnen wel alvast wat richtingen uit laten zoeken. Voor universiteiten en hogescholen is het interessant omdat ze niet alleen alternatieve, uitdagende stages kunnen bieden, maar ook met real life assignments kunnen werken. De leegloop in Zuid Europese dorpen is een serieus en echt probleem waar veel invalshoeken voor multidisciplinair onderzoek aan zitten.”

‘De behoefte is er, ze wisten het alleen nog niet.’

Jacomien bedacht het idee in één nacht. Op internet ontdekte ze dat er op Sicilië een paar dorpen bijna leeg waren. Ze besloot naar het eiland te vliegen.

“Mijn plan was om de situatie in kaart te brengen. Dat ging niet makkelijk, want ik sprak nauwelijks Italiaans. Ik ben gewoon naar het plaatselijke café gegaan, naar de bieb en de kerk, om te vragen wat mensen van mijn plan vonden. In die dorpen werd ik wel met de nek aangekeken. De Universiteit van Catania op Sicilië was wél geïnteresseerd en zei dat het wel iets is wat hen bezig zou moeten houden, maar dat ze geen dorpen of scholen kenden die hieraan mee zouden kunnen werken. Ze doen niet zoveel met krimpdorpen behalve dat een paar dorpen huizen aanbieden voor de bekende 1€ -formule. Er was dus wel behoefte aan mijn idee, ze wisten het alleen nog niet.”

Een bevriende professor uit Napels, Giuseppe Balirano, nodigde Jacomien uit om op een congres op zijn universiteit haar verhaal te komen houden: ‘Er zijn veel universiteiten uit Zuid-Italië aanwezig. Pak de microfoon en gooi het in de groep.’ Ik besloot het te doen.”

Frigento

Jacomiens verhaal wekte de interesse van Johanna Monti, een professor van de Universiteit van Sassari, die contact met haar opnam: “Volgens mij woon ik in zo’n dorp, mijn man komt hier vandaan. Mag ik je bellen?”

“Zo is het balletje gaan rollen. De volgende dag hebben we geskyped en alles doorgenomen. Hoe ziet je dorp eruit, gaan er mensen weg, hoeveel wonen er nog, hebben jullie nog een school en een supermarkt, hoe zou je het vinden als een student onderzoek doet of bepaalde opdrachten uitvoert?”

Een week later zat Jacomien in de bus naar het dorp Frigento gelegen tussen Bari en Napels in Zuid Italië. Dankzij Johanna’s vele connecties kwam ze in contact met de burgemeester, de locoburgemeester, de priester, maar ook docenten, mensen uit het café, restaurants en vooral de jongeren uit het dorp – wat zij van plan waren: studeren en dan weg uit Frigento.

“Dat was de eerste mapping. Maar ik dacht ook aan de stages, het moet goed voelen. Hoe vinden Nederlandse jongeren dit, zouden de ouders van studenten het goed vinden dat ze hier drie maanden komen om te leven en werken? Iedereen is vriendelijk, kinderen spelen tot laat op straat, mensen kennen elkaars naam, de supermarkt is er nog. Zo probeerde ik een gevoel te krijgen of dit dorp goed was om een programma op te zetten.”

“Het is een heel mooi dorp, het ligt heel hoog. Er is een panorama-pad, als je helemaal naar boven loopt, kan je van kust tot kust kijken. Mensen wonen er al een paar duizend jaar, nog voor de Romeinen er kwamen. Het is een hele fijne streek om te wonen. De grond is vruchtbaar door het vulkanisch landschap. Maar werkgelegenheid is er te weinig.”

Investeren in jongeren

“Ik heb een sabbatical genomen, ik had echt een jaar vrij nodig om dit op te bouwen. Ik had een flinke financiële meevaller gehad, die wilde ik graag in de maatschappij investeren. In jongeren, om te investeren in de generatie na mij.”

Jacomien bleef teruggaan naar Napels, om te sparren met Giuseppe Balirano– de professor uit Napels. “Die vond het een geweldig plan: ‘Kan onze universiteit hier ook aan meedoen? We kunnen expertise leveren, zijn heel goed in talen en humanity studies.’ Het moet geen Nederlands feestje worden. Nederlanders en Italianen, dat schuurt. Wij kunnen vaak dingen goed organiseren, eten is bij ons wat minder belangrijk, om maar wat te noemen. Bij Italianen zijn de details veel belangrijker. De schoonheid moet ook aanwezig zijn, zelfs in hun taal. Dat kennen wij toch niet.  Dat is misschien in het begin heel moeilijk voor studenten, maar je kan heel veel van elkaar leren, juist door heel anders te zijn.” Inspire is dan ook zeer geschikt voor meer nationaliteiten.

Consortium

Group for European Development is nu onderdeel van een consortium van elf partners, waaronder Stichting Werk & Leren uit de provincie Zeeland en University College Dublin uit Ierland, beide krimpgebieden. “Ierland kent al eeuwenlang een enorme uitstroom van mensen, maar ze zijn tegenwoordig heel goed met het aantrekken van geschoold personeel uit Europa. Er is in Dublin geen huis meer te huren omdat de expatmarkt volop draait. Kunnen we daar iets van leren? Dat geldt niet alleen voor Frigento, maar ook voor andere landen die kunnen meekijken.”

“Als stichting zou het moeten lukken als we een paar van dit soort dorpen kunnen opstarten, met waardevolle data kunnen komen die uniek is waarbij studenten een belangrijke rol spelen. Dat we een methodiek kunnen ontwikkelen om data aan te leveren waar andere dorpen ook wat aan hebben. Geef jongeren een grotere rol en een stem in de huidige problematiek die Europa heeft. Ik denk dat jongeren heel veel kunnen betekenen. En ik begeleid dat, zo zie ik mijn rol.”

JKooiker

Op dit moment is Jacomien docent Engels op een middelbare school in Lelystad en runt de werkzaamheden van Inspire samen met het bestuur en het Italiaanse team.

Interview door Shira Latuhihin, werkzaam als Content & Media Officer en adviseur bij Group for European Development. Fotografie Astrid Visser